De eerste piano-akkoorden
Acht akkoorden: C, F, G, D, A, Am, Dm, Em. Gekozen naar twee getallen — hoeveel zwarte toetsen het akkoord vraagt en hoe vaak het nodig is.
De acht akkoorden
Hoe deze acht gekozen zijn
Op de gitaar bepaalt de greep wat moeilijk is. Op de piano ligt elke toon open — daar is iets anders moeilijk.
Zwarte toetsen duwen de hand naar achteren en de betreffende vinger op een ander vlak. Een akkoord van louter witte toetsen speelt bijna vanzelf.
De duim is kort en ligt plat. Belandt hij op een zwarte toets, dan moet de hele hand mee. Daarom is Bes groot moeilijker dan D groot, terwijl ze allebei één zwarte toets hebben — bij Bes is het de grondtoon, en de grondtoon is voor de duim.
Gebruik telt in hoeveel van de achttien gangbare akkoordreeksen het akkoord voorkomt. Een akkoord hoort vooraan als het weinig vraagt en vaak nodig is.
Wat je er al mee kunt spelen
24 reeksen hebben geen enkel akkoord buiten deze acht nodig — geteld, niet beloofd.
De volgende stap zijn geen nieuwe akkoorden maar andere liggingen van dezelfde: met omkeringen blijft de hand bij het wisselen bijna staan in plaats van over het klavier te springen.
Anotona doet het voor je
Maak een foto van een blad muziek of speel de melodie — Anotona vindt de toonsoort, zet de noten en transponeert ze naar elke andere. Gratis.
Bekijk AnotonaElke noot op deze pagina is berekend, niet overgetypt.